Hans

Winkel

“Je werkt lekker zelfstandig”

“Ik werk al bijna 38 jaar bij Albert Heijn. Ik begon meteen na de middelbare school, als Caissière A. Daarna werkte ik als Verkoper brood en delicatessen, Vakkenvuller en als Caissière B waarbij je meer verantwoordelijken hebt dan als Caissière A. Acht jaar geleden werd ik gevraagd of ik niet Kwaliteitsmedewerker wilde worden. De zelfstandigheid van deze functie sprak me aan, dus dat ben ik gaan doen. En tot de dag van vandaag met veel plezier.”

Van zeven tot elf

“Mijn taak is te zorgen dat de winkel schoon blijft. Dat betekent niet dat ik in mijn eentje de hele winkel moet schoonmaken, alle medewerkers hebben hun eigen verantwoordelijkheid. Maar ik kan hen helpen of ze ergens op wijzen. Ik begin ’s ochtends met de winkelvloer en alles waarmee klanten te maken hebben, dus ik maak het koffiezetapparaat schoon en vul het bij. Als het drukker wordt in de winkel ga ik achter de schermen schoonmaken: onze keuken, kantine en toiletten. Daarna ga ik weer de winkel in en is het een zaak van goed rondkijken en doen wat nodig is.”

Voor elke functie volg je een leermodule

“Voor elke schoonmaakklus zijn er voorgeschreven schoonmaakmiddelen die je ook zelf bijbestelt. Ook voor deze functie heb je een leermodule moeten afleggen. Dan krijg je bijvoorbeeld de vraag: ‘Er is een fles olie gevallen, hoe ruim je dat op?’. Het goede antwoord is dan: ‘Door er zout op te strooien en dit later op te vegen’.”

Temperatuurpistool

“Een andere taak is het schoonhouden en controleren van de koeltafels. Dat doe je met een temperatuurpistool waarmee je de temperatuur van een artikel kunt meten. Is die niet goed dan meld je dit direct bij de leverancier. De koelvitrines langs de wanden horen niet bij mijn taken, die worden op afstand in de gaten gehouden door een externe partij.”

De vrijheid om te doen wat nodig is

“Het leuke is dat niemand mij hoeft te vertellen wat ik moet doen. Je weet wat er moet gebeuren en je speelt flexibel in op wat nodig is. Je hebt ook klantcontact. Omdat ik al zo lang in de winkel sta, kan ik iedereen met van alles helpen. Laatst liet een mevrouw een fles rode wijn vallen. Natuurlijk sta je dan niet te juichen, maar zo iemand is dan heel erg geschrokken. Dus je gaat haar geruststellen dat ze dat niet hoeft te betalen en op te ruimen. Zo maak je iemand blij.”

Iedereen helpt mee

“De sfeer met de collega’s is prima. Morgen staat bijvoorbeeld de bierafdeling op mijn programma. Dan ga ik de vloer daar schoonmaken. Een collega komt dan iets eerder om mij te helpen, want die kratten zijn te zwaar voor me. Dat is tekenend voor hoe we met elkaar omgaan. Als iets niet dreigt af te komen, dan springt iedereen in. Je staat er hier nooit alleen voor, het is onze winkel en we doen het samen!”